Astma-COPD.nl

Alles over Astma & COPD

Astma-COPD.nl

Astma bij kinderen

Kinderen en astma

Als baby’s en kleine kinderen hoesten of piepen, dan hebben zij meestal een luchtweginfectie. Veelal veroorzaakt door virusinfecties. Tussen het derde en zesde levensjaar verdwijnen deze hoest- en/of piepklachten meestal. Als een kind regelmatig luchtweginfecties heeft en ook allergische aanleg heeft, dan is er echter vaak sprake van de ontwikkeling van astma.

Ontwikkelt zich astma bij kleine kinderen, dan krijgen ze op de basisschool last van kortademigheid en piepen. Meestal gebeurt dit in aanvallen of gedurende bepaalde periodes. Soms blijven kinderen ’s nachts hoesten. De astma leidt vaak tot vermoeidheid. Het benauwd zijn en ademhalen kan ’s nachts veel energie kosten.

In de puberteit kunnen de klachten verminderen of juist erger worden. Hormonale invloeden alsmede veranderende leefpatronen hebben een sterke invloed. Uitgaan, meeroken, zelf (!) roken en bijvoorbeeld het onregelmatiger innemen van medicijnen kunnen de astma doen verergeren. De klachten kunnen echter ook verminderen. ‘Er overheen groeien’, wat vaak gezegd wordt, bestaat niet echt: de klachten kunnen tijdelijk verdwijnen maar de kans is altijd aanwezig dat ze weer terugkomen.

Bij meisjes kunnen pilgebruik, menstruatie en zwangerschap zowel een positieve als een negatieve invloed hebben op de astma.

Onderzoek / diagnose stelling bij kinderen

Om de diagnose astma te kunnen stellen, zal een arts onderzoek doen. Hierbij worden er vragen gesteld, maar wordt er ook lichamelijk onderzoek gedaan. Voor een kind is dit onderzoek niet per se ingrijpend, maar het kan wel degelijk indruk maken. Leg daarom uw kind duidelijk uit wat er gaat gebeuren en vertel het ook de uitkomsten van het onderzoek.

Medicijnen en kinderen

Door de werking en daarmee het belang (bijvoorbeeld het tegengaan van astmatische aanvallen) van eventuele medicijnen uit te leggen aan uw kind, zal uw kind de medicijnen makkelijker en regelmatiger innemen.

Bij kinderen die inhalatiemiddelen gebruiken hangt de hoeveelheid medicijn alleen af van de ernst van de astma. Het gewicht van het kind is niet bepalend. Zuigelingen krijgen zelfs een hogere dosis dan kleuters. Baby’s inhaleren namelijk nog niet goed en krijgen dus maar een klein beetje van het medicijn in de luchtwegen.

Inhaleren bij kinderen

Ook kinderen kunnen inhaleren, maar het inhalatiesysteem is afhankelijk van de leeftijd:

  • 0 – 6 maanden: jetvernevelaar
  • 6 maanden – ongeveer 3 jaar: verstuiver met inhalatiekamer en baby- of kindermasker
  • 3 jaar – 6 jaar: inhalatiekamer met mondstuk
  • 6 jaar en ouder: poederinhalator

Adviezen voor ouders qua medicijngebruik

Als een kind een astmatische aanval (benauwdheid) krijgt, moet het direct de (eventueel) voorgeschreven medicijnen gebruiken. Een net begonnen aanval is makkelijker te stoppen dan een aanval die al langer bezig is.

Leg goed en duidelijk uit aan uw kind waarom het de medicijnen moet innemen, wat de werking ervan is en hoe het de medicijnen moet innemen. Het is aan te raden deze uitleg af en toe te herhalen.

Roken

Roken is niet alleen slecht voor uzelf, maar helaas ook voor baby’s. Een zwangere vrouw die rookt, kan daarmee de ontwikkeling van o.a. de longen van haar ongeboren kind verstoren. Ook roken in het bijzijn van kleine kinderen, kan bij die kleine kinderen reacties van de luchtwegen oproepen.

Onderzoek heeft een verband aangetoond tussen het hebben van luchtwegproblemen en het al dan niet roken in huis. Gezinnen waar gerookt wordt, hebben gemiddeld twee keer vaker last van kinderen met luchtwegproblemen dan gezinnen waar niet gerookt wordt.

Ook roken in de auto en andere kleine ruimtes waar kinderen (en volwassenen) bij elkaar zijn is natuurlijk slecht.

Als uw kinderen niet thuis zijn en u steekt snel een sigaret op, dan blijft de rook gedurende langere tijd in huis hangen. Ook al lucht u het huis en komen de kinderen pas uren later thuis.

Leg aan de ouders van uw kinderen uit dat uw kinderen astmatisch zijn en dat er bij voorkeur niet gerookt wordt in de omgeving van uw kinderen. Vraag vriendelijk of zij daar rekening mee willen houden en overleg over mogelijke oplossingen.

Kinderen en benauwdheid

Door de astma kan een kind moe en prikkelbaar zijn. Hierdoor kan het onzeker worden of emotioneel. Ouders en leerkrachten weten soms niet goed hoe hiermee om te gaan. Eén van de belangrijkste dingen is de signalen van een naderende aanval te herkennen.

Ga bij iedere aanval van een kind na wat het kind daarvoor precies deed. Is een kind verkouden, heeft het last van jeuk, ziet het kind bleek of heeft het wallen onder de ogen, is het kind druk, onrustig of juist landerig. Maar uiteraard kunnen er ook andere signalen zijn. Probeer de signalen te herinneren. Zodoende kunt u in de toekomst een aanval zien aankomen.

Ziet u een aanval aankomen, dan is het zaak om vooral zelf rustig te blijven. Een kind kan anders in paniek raken. Laat uw kind niet alleen en zorg dat het in een prettige houding zit of staat (die houding verschilt weer per kind). Praat niet teveel met het kind, want als het kind terug praat wordt het alleen maar benauwder. Dien vervolgens de medicijnen van het kind toe of laat het kind zelf de medicijnen innemen.

Mocht de aanval niet meer weggaan of zelfs verergeren, dan moet u de arts raadplegen. Die kan u verder adviseren.

Astma op school

Hoewel uw kind waarschijnlijk niet het enige kind op school is met astma, is het bij andere kinderen en leraren vaak onduidelijk wat astma nou precies is. Dat kan tot onbegrip leiden onder het motto: aanstellerij. Het is aan te raden om aan het begin van ieder schooljaar naar school mee te gaan met uw kind en in de klas uit te leggen wat astma nou precies is. Uiteraard moet(en) de lera(a)r(en) hierbij ook aanwezig zijn. Op deze manier wordt de acceptatie versneld.

Met name vermoeidheid/concentratieverlies, lichamelijke inspanning en allergieën zijn gesprekspunten. Door benauwdheid ’s nachts of ’s ochtends kan uw kind erg vermoeid zijn. Hierdoor kan concentratieverlies optreden. Als de docent weet wat de oorzaak hiervan is, kan hij daar beter mee omgaan en een kind bijvoorbeeld niet meteen straffen.

Lichamelijke inspanning (tijdens gymnastiek en buiten spelen bijvoorbeeld) kunnen tot een astma aanval leiden. Uiteraard moet een kind met astma gewoon meedoen met alle activiteiten, maar laat een kind wel van te voren zijn/haar medicijnen innemen. Tijdens het spel kan een kind benauwdheid krijgen en ook dan moet er gelegenheid zijn om (weer) medicijnen in te nemen.

Allergieën kunnen bijvoorbeeld ontstaan door stof en huisdieren maar ook door het chloor in een zwembad (schoolzwemmen). De klachten kunnen hierdoor ernstiger worden. Uiteraard moet het klaslokaal goed schoongehouden worden en over het houden van een huisdiertje in de klas (bijvoorbeeld een konijn of een hamster) kunt u ook overleggen met de leraar.

Uiteraard is het van belang dat uw kind zo veel mogelijk van de eigen ziekte af weet. Dat maakt het ook makkelijker voor een kind om het uit te leggen aan klasgenootjes. Een spreekbeurt of werkstuk over astma kan ook verhelderend zijn. Zowel voor het kind zelf, als voor de klasgenootjes en de docent.

Kinderen en sporten

Uiteraard kan uw kind gewoon aan sport doen. Het is hierbij wel van belang dat rekening wordt gehouden met de punten zoals beschreven bij het onderdeel Sporten en astma.

Aan de trainer of gymleraar en aan de andere kinderen in het sportteam kunt u het beste uitleggen wat astma precies is. Overleg met de trainer ook betreffende:

  • de versterkende effecten op de astma van koude en droge lucht
  • wat er gebeurt tijdens een astma-aanval
  • wat hij/zij het beste kan doen als uw kind een astma-aanval heeft (medicijnen aanreiken, kalmeren) en ook wat hij zeker NIET moet doen (in paniek raken, boos worden)
  • wie er gewaarschuwd moet worden als een astma-aanval niet meer ophoudt of alleen maar erger wordt (ook na toediening medicijnen)

Klik hier om verder te lezen over roken en astma.